Het IJsselmeer, het grootste zoetwatergebied van Europa. Nederlands grootste verblijfplaats van vogels, internationaal als Wetland erkend en tevens Vogelrichtlijngebied, cultuurhistorisch erfgoed, een schitterend natuurgebied en... de enige nog open plek met vergezicht !
© MK-DATA 2011-2018
IJSSELMEERVERENIGING
Home De Vereniging Nieuws Algemeen Contact Het IJsselmeergebied Zoeken

1972 - 2018 - al 46 jaar !

Zondvloed van spiering op IJsselmeerkust: “Uitgepaaide mannetjes”
Op 15 april van dit jaar spoelde er een grote hoeveelheid spiering aan op het strandje bij Urk. Koren op de molen van de vissers die van mening zijn dat het huidige vangstverbod op spiering van de baan moet. Zij zien dagelijks veel spiering in het IJsselmeer en Markermeer. Het sinds 2012 van kracht zijnde moratorium voor de vangst van Spiering zou op basis van nieuw uit te voeren onderzoek niet meer nodig zijn. Verder zagen de vissers bij de grote hoeveelheid vis op het strand geen vogels die belangstelling hadden voor dit makkelijke maaltje vis. En dat terwijl het vangstverbod er is ten behoeve van de visetende vogels. Het ministerie en Wageningen University & Research wachten in de ogen van de vissers veel te lang met nieuw onderzoek. Deze klacht lijkt in ieder geval de Wageningse onderzoekers te hebben aangespoord onderzoek te doen naar plotselinge “zondvloed van spiering” op het Urker strand. De onderzoekers zijn niet onder de indruk van de hoeveelheid, eenmalig aangespoelde spiering. Verder blijken het voornamelijk “uitgepaaide mannetjes” te zijn die na een lange koele periode ineens met warm weer te maken hebben gekregen. En dat geeft stress. De kwetsbare “uitgepaaide mannetjes” zouden mogelijk ook nog met een chemische verontreiniging te maken hebben gehad. Lees verder:
Maritieme nieuwsbrief Zeepost Spiering aangespoeld op een strandje bij Urk. Rien Floris - 15 apr. 2018 De IJsselmeervissers mogen dit jaar geen spiering vangen, maar intussen spoelt de vis massaal aan op de IJsselmeerkust. De Urker IJsselmeervisser Jacob Visscher (UK122) trof op een strandje bij Urk zaterdag massa’s aangespoelde spiering aan. ,,Wij mogen ze niet vangen vanwege de vogels die ze vreten en nu spoelen ze dood aan op het strand en er zit geen vogel bij. Ik vis al twintig jaar op het IJsselmeer, maar dit heb ik nog nooit meegemaakt’’, zegt Visscher. Visverbod De Hoornse IJsselmeervisser Jan Last komt de spiering nu dagelijks tegen als hij palen voor grote fuiken in het IJsselmeer zet. Die zijn bedoeld voor de palingvangst en wolhandkrab die 1 mei van start gaat. Hij maakte bezwaar bij de overheid tegen het visverbod op spiering en wilde met proefvangsten aantonen dat er wel degelijk spiering is, maar dat werd op straffe van een boete verboden. Last krijgt nu zijn gelijk. ,,Wat een misrekening. Dit gaat toch helemaal nergens meer over. Ze hebben geen idee hoe het IJsselmeer in elkaar zit. Er is wel degelijk spiering, ik zie ze iedere dag. Maar dat ze zo massaal aanspoelen, heb ik nog nooit eerder meegemaakt.’’ Broedplaatsen Of de spiering moet worden beschermd voor de visdiefjes, zoals al zes jaar gebeurt, is volgens de vissers de vraag. Uit onderzoek van Wageningen Universiteit blijkt dat geschikte broedplaatsen ’de succesbepalende factor voor de visdiefpopulatie lijkt te zijn’ . Het visdiefje nestelt op een kale bodem zonder struikgewas. De Nederlandse Vissersbond vindt dat de vogelbeschermers beter hun energie in goede broedplaatsen kunnen steken dan in hun strijd tegen de spieringvisserij. Sinds 2012 geldt er een moratorium voor de spieringvisserij. Het komkommervisje, zoals de spiering wordt genoemd, is een delicatesse in zuidelijke landen, maar wordt ook gegeten door andere vissen en vogels. Er zou onderzoek worden gedaan naar een duurzaam visbestand van spiering, maar dat heeft de overheid verzuimd. Het advies hierover van Wageningen Marine Research lag te verstoffen in een bureaulade op het ministerie. Dat heeft inmiddels aangekondigd dit jaar ’stappen te zetten’ in het onderzoek naar een nieuw protocol voor de spieringvangst. Nieuws Wageningen University & Research Aangespoelde spiering op Urk Gepubliceerd op 24 april 2018   Op zondag 15 april hebben we poolshoogte genomen van een dag eerder aangespoelde dode spiering op Urk. We hebben de daar op het strandje aangetroffen spiering verzameld, meegenomen voor verder onderzoek en foto’s gemaakt. Het uitgevoerde onderzoek geeft geen echte duidelijke oorzaak van de waargenomen sterfte. De zeer beperkte omvang van de sterfte - eenmalig en alleen bij Urk – zien wij niet als alarmerend. Rand aangespoelde spiering Over enkele tientallen meters lag een rand aangespoelde spiering. Noordwaarts, aangrenzend aan het strandje, lagen her en der verspreide spieringen tussen de stenen. Langs de dijk circa drie kilometer ten noorden van Urk lag zeer verspreid een enkele dode spiering. Ook langs de dijk bij Lelystad was dit het geval. De dag van de stranding en de dag ervoor stond er een westenwind met windkracht drie. Naast spiering zijn we maar een andere vissoort (pos, een exemplaar) tegengekomen. Navraag op andere plekken (Friese IJsselmeerkust) leverde ook geen andere waarnemingen op. De verzamelde spiering is vervolgens door Wageningen Marine Research onderzocht waarbij we de volgende vijf aspecten meegenomen hebben: 1. Uiterlijke kenmerken; dr. ing. Olga Haenen (hoofd Nationaal Referentielaboratorium Vis-, Schaal- en Schelpdierziekten van de Wageningen Universiteit) heeft de foto’s bestudeerd 2. Conditie; de verhouding tussen lengte en gewicht zegt iets over de conditie. De conditie kan vergeleken worden met spiering gevangen tijdens de najaarssurvey 3. Geslachtsverhouding 4. Paaistadium 5. Waterkwaliteit / chemische analyses Mogelijke verklaring sterfte na de paai gecombineerd met een waterkwaliteitsfactor Bij dode vissen is het eigenlijk niet mogelijk om een eventuele ziekte/infectie vast te stellen, omdat dode vis meteen allerlei postmortale bacteriën bevatten. Voor diagnostiek is levende of zeer verse vis nodig. De wittige, schimmelachtige aangroeisels (zie foto’s) kunnen mogelijk wijzen op een flavobacterie (uitwendige infectie) die gewoon in het water zit. Bij verminderde weerstand kan die de vis aantasten. Met daarop dan nog schimmel, Saprolegnia, die ook in het water voorkomt en op aangetaste huidplekken gaat zitten. Bij spiering in het algemeen komt een herpesvirus (een spieringvariant, niet gevaarlijk voor mensen) voor. Deze ziekte heet Epizootic Epidermal Papillomatosis, die zich uit door tumoren aan de bek van de spiering. Dit hebben we niet waargenomen. De bruinige plekken wijzen mogelijk op aanhechting van bruinige vloeistof; wellicht olie ? Een mogelijke verklaring voor de doodsoorzaak volgens dr. ir. Olga Haenen is sterfte na de paai (bekend van salmoniden), mogelijk gecombineerd met een waterkwaliteitsfactor (zuurstoftekort, bruinige vloeistof?). Door eventuele paaiuitslag zijn er al huidbeschadigingen ontstaan. Hierdoor is de vis gevoeliger geworden door bovengenoemde infecties. Daarbij komt dat het weer lang koud is geweest en het vervolgens snel warm werd. Wellicht dat de vissen hierdoor te snel opgewarmd zijn. Dit geeft stress en mogelijk is bovengenoemd proces daardoor verergerd. Onderzochte spiering; uitgepaaide mannetjes op een na Op basis van de verzamelde vis is van 87 spieringen de lengte-gewicht relatie bepaald. De spieringen varieerden tussen 7 en 9,5 cm (gemiddeld 7,8 cm) in lengte. Opvallend was dat alle onderzochte spieringen mannetjes waren en op een na waren ze allemaal uitgepaaid. Mannetjes vertonen paaiuitslag en blijven langer in de paaigebieden dan vrouwtjes. De conditie was lager dan we normaal meten in het najaar in het IJsselmeer en Markermeer (figuur 1). Dat is ook niet verwonderlijk gezien het feit dat ze net gepaaid hebben en ze al een dag op het strandje lagen.  Figuur 1. Lengte-gewichtrelatie voor de spiering verzameld op Urk in april vergeleken met IJsselmeer en Markermeer in oktober (periode 1991-2016, alleen mannetjes). Spieringstand stabiel in 2017 Zoals elk jaar is ook in najaar 2017 de spieringstand onderzocht middels de jaarlijkse bemonstering. Daarbij worden op het IJsselmeer 28 stations en op het Markermeer 14 stations bemonsterd. De spieringstand (aantallen/ha) liet in 2017 op het IJsselmeer een kleine stijging en voor het Markermeer een kleine daling ten opzichte van 2016 zien (figuur 2). Analyse waterkwaliteit nog niets opgeleverd en chemische analyses niet uitgevoerd Navraag of mogelijk een chemische vervuiling heeft plaatsgevonden die lokaal voor sterfte heeft gezorgd, heeft nog niets opgeleverd, maar kan niet geheel uitgesloten worden. Van de spiering met bruinige vlekken is niet duidelijk of dat voor of na het aanspoelen op het strand is ontstaan. Chemische analyses zonder indicaties van om welke stoffen het mogelijk gaat, is zoeken naar een speld in de hooiberg. Gezien het lokale karakter en beperkte omvang van de sterfte (eenmalig, alleen bij Urk) is hier vooralsnog van afgezien. Figuur 2. Spieringstand zoals gemeten in elk najaar in IJsselmeer en Markermeer. Foto Jacob Visscher (UK122)  Foto Jacob Visscher (UK122)